10. Zandbakweer
Joris is helemaal weg van de zandbak. Bij ons in de straat hebben we, als gezamenlijke buren, een speelveldje aangelegd met een grote zandbak. Als het even mooi weer is zit de halve jeugd in de zandbak. Joris natuurlijk ook. Liefst al om kwart voor acht ‘s morgens als hij samen met broertje Bram wordt gebracht. Dat wordt dan even flink afleiden want anders is het een run naar de zandbak.
Met de buurtkinderen wordt druk gegraven en gespeeld, maar hij kan zich ook alleen prima vermaken met emmers, schepjes, vrachtauto’s en noem maar op.
Soms komen Bram en oma ook even kijken. Bram in de buggy, hij vindt het schitterend. Al die kinderen die aan hem voorbij schieten. Hij heeft voor iedereen een vriendelijke lach, want het is een echte lachebek: deze inmiddels ook al weer
acht maanden oude kleinzoon. Sinds een week kan hij staan in de box. Wat wankel maar toch. Het is een rustig ventje, behalve als hij (meent) dat hij honger heeft. Dan is er geen land meer mee te bezeilen. Kom dan niet aan met pap of groenetehapje. Dat gaat hem niet snel genoeg. Dus dan eerst maar een halve fles, want anders vliegt de pap of groente door de kamer. Daar kwamen we afgelopen zaterdag wel achter.
Soms is het net een boeddha. Zet hem op de grond en hij blijft rustig zitten. De laatste tijd begint er meer beweging in te komen: tijgert wat rond, kruipt achteruit. Niet alleen het uiterlijk, ook het kalm aan doen heeft hij van zijn papa. Wat hij ook geërfd heeft van zijn vader, is de liefde voor knopjes van de radio en cd-speler. Joris kwam en komt daar nooit aan, maar Bram moeten we daar regelmatig weghalen.
Joris gaat nu naar de peuterspeelzaal. Hij vindt het helemaal geweldig. Hij heeft direct al vriendjes gemaakt en een vriendinnetje. Ja het begint vroeg tegenwoordig. In de kring zitten vindt hij blijkbaar niets. Als je vraagt wat hij heeft gedaan op de peuterspeelzaal vertelt hij van alles maar zegt ook demonstratief:’’ Ga niet in de king zitten’’. Komt vanzelf hopen we. Wat hij wel geweldig vindt is de grote zandbak, graafmachines en kiepauto’s. Ja die liefde voor autos’ blijft er in zitten. Maar ja hij is van twee kanten erfelijk behept: zowel papa als de opa van de andere kant zijn gek op auto’s. Dus hij heeft het niet van een vreemde.






