Speelgoed voor je baby in de eerste maand
Je baby moet wennen aan het licht, geluid en stemmen om hem heen. En je baby moet ook nog aan jou wennen. Je baby ziet enkel de objecten die zich dichtbij bevinden scherp genoeg. Dichtbij betekent ca 20 à40 cm. Dingen die in de verte staan, ziet hij eerder wazig. Toch wil dat niet zeggen dat hij slecht ziet want hij kan wel alle kleuren waarnemen. Een mobiele in contrast kleuren voor in de wieg of bedje, iets met muziek erin en één of twee rammelaar is alles wat je nodig hebt voor je baby in zijn eerste maand. Koop het speelgoed en/of de mobieles in sterk contrasterende kleuren, die werken makkelijker op de ogen van je baby. Zwart, wit en rood kunnen ze nu het beste onderscheiden. Je kunt vanaf de eerste weken al beginnen met je baby op zijn buik te leggen voor circa 5 minuten, zorg dat zijn armpjes naar voren gericht zijn voor een goede speelhouding. En zo kan hij ook beter zijn hoofdje optillen en naar de zijkant kijken.
Speelgoed voor je baby in de tweede maand
Je baby begint te wennen aan de kleuren en dingen om hem heen. Ze beginnen een rammelaar of een knuffeldier in felle contrasterende kleuren te herkennen. Je baby begint de muziek om zich heen goed te horen en te herkennen, hij heeft al een scherp vermogen ontwikkeld om te luisteren en zal reageren op bepaalde rustgevende geluiden. Je kunt het aantal minuten in de buikligging langzaam opvoeren. Als het nog niet zo goed lukt, kun je hem ook lichtjes op zijn billen drukken als hij zijn armpjes naar voren gericht heeft.
De ontwikkeling van je baby in de derde maand
Je baby begint vaste ‘patronen’ te onderscheiden. Zo ontdekt hij bijvoorbeeld zijn handjes. Hij bekijkt ze verbaasd en draait ze rond. En nu hij weet dat zijn handen er zijn, kan hij ze gaan gebruiken om bijvoorbeeld speelgoed proberen te pakken. Verder begint hij ook zijn knietjes en voeten te ontdekken. Het is leuk om je baby de kans te geven om ze te bestuderen.
Je baby begint nu mensen langer te bekijken en te volgen met de ogen en zijn hoofdje. Bewegende beelden en voorwerpen boeien hem.
In buikligging drukt je baby zich op en hij kan al naar links en rechts kijken. Als hij goed wakker is, probeert hij het hoofd zelf rechtop te houden. Hij wil ook al proberen te zitten, het liefst natuurlijk bij zijn papa of mama op schoot. De meeste baby’s vinden het heerlijk om zichzelf te laten optrekken van half-zit tot zit, of van zit tot staan.
Je baby maakt korte stootgeluiden en af en toe maakt hij een serie van die geluiden, hij mompelt en murmelt en het lijkt alsof je baby heel veel te vertellen heeft. Als je het uitlokt doet hij diezelfde geluidjes na, net of jullie grote gesprekken hebben.
Als je borstvoeding geeft dan zul je ergens omtrent de leeftijd van 3 maanden te maken krijgen met regeldagen. Je baby krijgt dan een grotere behoefte aan voeding en de melkproductie is dan nog niet aangepast aan de stijgende vraag van je baby
De ontwikkeling van je baby in de vijfde maand
Je baby begint met dingen van de ene in de andere hand over te pakken. Ook pakt hij dingen op en steekt dat meteen in zijn mond, hij wil er dan op sabbelen of bijten.
Het gezichtsvermogen van je baby is helemaal ontwikkeld. Hij kan diepte zien en kleuren net als een volwassene. Hij zal datgene wat hij ziet gaan proberen te combineren met wat hij hoort of voelt. Je baby kan geboeid kijken naar een korte serie van beelden of patronen, zoals: het stuiteren van een bal, het op en neer schudden van zijn fles, het roeren in een pan, een deur die open en dicht gaat, het borstelen van haren. Verder kijkt je baby geboeid naar je lippen en tong als je praat; hij zoekt je, kijkt ook om. Je baby kan ook naar een speeltje zoeken dat buiten zijn gezichtsveld ligt. Hij reageert op zijn spiegelbeeld, lacht erom of is bang.
Je baby begint al te beseffen dat de mensen om hem heen reageren op zijn gedrag zoals huilen of glimlachen.
Op de grond of in de box, wordt hij heel actief en de meeste baby’s kunnen van buik naar rug, en omgekeerd omrollen. In buikligging kan je baby zijn armen helemaal strekken en probeert hij te schuifelen en voelen met handen en voeten.
Veilig slapen voor je baby
De rugligging is de meest veilige ligging voor een baby die ligt te slapen. Als je baby op zijn rug ligt kan hij vrij en ongehinderd ademen. In buikligging is dit veel minder het geval. Als je baby op zijn zij gelegd wordt, bestaat er altijd de kans dat hij alsnog op zijn buikje rolt.
Je baby mag niet te koud slapen, maar zeker ook niet te warm. Bij een te hoge slaaptemperatuur bestaat een verhoogde kans op wiegendood. Ook te koud slapen is niet goed voor je baby. Stem het beddengoed af op de temperatuur van je baby en op die van de kamer. De temperatuur van je baby kun je het beste controleren in zijn nekje. De kamertemperatuur bepaal je met een thermometer. Vanzelfsprekend gebruik je in de warmere perioden van het jaar een luchtig dekentje en in de koudere perioden een warmer dekentje.
Zorg dat bij je baby de ademhaling niet word belemmerd. Zorg bijvoorbeeld dat het bedje van je baby kort opgemaakt is. Dat wil zeggen dat je baby met zijn voetjes tegen het voeteneinde aan ligt en dat het dekentje of lakentje niet verder komt dan zijn schouders. Gebruik in het bedje geen kussentjes, hoofd- en zijwandbeschermers en knuffeltjes. In verband met een mogelijke kans op warmtestuwing kun je beter geen gebruik maken van een bedzeiltje, dekbedje en bedbeschermers.






